NRR LES 58: gelijkwaardige breuken 2oefenstof logo transp 79-50 2,4cm.gif

invuloefening met paswoord (B. Meyns)

Lees aandachtig de uitleg en maak de invuloefeningen.
Druk dan op "controleer" als je klaar bent. Als alles juist is, krijg je een paswoord. Noteer dit.
Je kunt nu geen "[?]"-knop drukken om een aanwijzing te krijgen.

lachen.jpgAl gehoord van de uitdrukking "Ik lach me een breuk"? Dit wil zeggen dat je het niet kunt houden van het lachen omdat je heel veel plezier hebt.
En nu serieus. Aan de slag met de volgende breuken:

1) breuk van een getal
1)2/3 van 33 = 2)3/4 van 36 =
3)7/8 van 40 = 4)5/7 van 42 =
5)7/9 van 63 = 6)7/7 van 28 =
7)2/5 van 250 = 8)1/2 van 186 =
9)7/10 van 910 = 10)4/7 van 1400 =


2) Vul in: <, > of = (nu krijg je geen hulp van een breukentabel)
1)6/8 3/52)1/6 1/7
3)1/11 1/124)3/6 3/9
5)4/5 8/106)1/2 7/14
7)5/5 9/88)4/8 3/4
9)6/10 4/510)3/4 7/8


3) Vereenvoudig! Dit wil zeggen dat je een gelijkwaardige breuk zoek waarvan de noemer kleiner is dan in de eerste breuk (deze keer weer zonder hulp van een breukentabel). De teller en de noemer moeten nu ook zo klein mogelijk zijn!
Voorbeeld: 6/8 = 3/4. Een breuk vereenvoudig je door teller en noemer te delen door hetzelfde getal: 6:2=3 en 8:2=4.
1)4/10 = 2)2/4 =
3)6/8 = 4)2/6 =
5)3/9 = 6)9/12 =
7)8/10 = 8)2/4 =
9)8/16 = 10)2/8 =

Als je alles juist hebt, dan krijg je een paswoord van de computer.
Vergeet niet dit paswoord op je blad te noteren ...